Voltooid Tegenwoordige Tijd in het Nederlands
Voltooid Tegenwoordige Tijd
Dit artikel maakt deel uit van de grammaticaboom voor Nederlands op Settemila Lingue.
Overzicht
De voltooid tegenwoordige tijd (vtt) gebruik je voor acties die zijn voltooid maar een verband hebben met het heden, of voor ervaringen en resultaten. In het dagelijks Nederlands — zeker in het noorden — gebruik je de vtt ook gewoon voor verleden tijdsgebeurtenissen waar het Engels de eenvoudige verleden tijd zou gebruiken.
De vtt bouw je op met het hulpwerkwoord hebben of zijn (tegenwoordige tijd) + het voltooid deelwoord.
Hoe het werkt
Formule
Hebben / zijn (ttt) + voltooid deelwoord
Voltooid deelwoord van regelmatige werkwoorden
ge- + stam + -d of -t
De keuze tussen -d en -t: gebruik het trucje van 't kofschip. Als de laatste letter van de stam in het woord 't kofschip staat (t, k, f, s, ch, p), dan -t; anders -d.
| Infinitief | Stam | Deelwoord |
|---|---|---|
| werken | werk | gewerkt |
| leven | leef | geleefd |
| reizen | reis | gereisd |
| maken | maak | gemaakt |
Hebben of zijn?
| Hebben | Zijn |
|---|---|
| Transitieve werkwoorden (met object) | Bewegingswerkwoorden (van A naar B) |
| De meeste andere werkwoorden | Toestandsveranderingen |
| zijn, worden, blijven, blijken |
Voorbeelden in context
| Nederlands | Vertaling | Opmerking |
|---|---|---|
| Ik heb vandaag gewerkt. | De spreker werkte vandaag; de actie is voltooid. | Regelmatig, hebben |
| Ze heeft een boek gelezen. | Zij las een boek; de actie is voltooid. | Lezen → gelezen (onregelmatig) |
| Hij is naar Amsterdam gegaan. | Hij ging naar Amsterdam. | Beweging → zijn |
| We hebben gisteren gegeten in een restaurant. | De groep at gisteren in een restaurant. | Verleden met hebben |
| De trein is al vertrokken. | De trein is niet meer op het vertrekpunt. | Beweging → zijn |
| Jij hebt de sleutels vergeten! | De aangesprokene nam de sleutels niet mee. | Verwijt |
| Ze is ziek geworden. | Zij werd ziek. | Toestandsverandering → zijn |
Veelgemaakte fouten
| Fout | Correct | Waarom |
|---|---|---|
| Ik heb gegaan. | Ik ben gegaan. | Gaan is een bewegingswerkwoord → zijn. |
| Ze heeft gevallen. | Ze is gevallen. | Vallen = toestandsverandering → zijn. |
| gemaakt of gemaakd? | gemaakt | Stam maak — k zit in 't kofschip → -t. |
| geleefd of geleefd? | geleefd | Stam leef — f zit in 't kofschip → wacht: f wel → geleefd... Maar: infinitief leven, stam leef, uitgang -d want in meervoud leven → -d. Tip: gebruik geleefd. |
Gebruiksnotities
In de spreektaal en Noord-Nederland gebruikt men de vtt voor bijna alle verleden tijdsgebeurtenissen. In formele schrijftaal en Vlaanderen is de onvoltooid verleden tijd (hij werkte) gangbaarder voor vertellingen.
Oefentips
- 't Kofschip uit je hoofd. Onthoud de letters t-k-f-s-ch-p. Als de stam eindigt op een van deze letters: uitgang -t. Anders: -d.
- Hebben/zijn-lijst. Maak een lijst van tien werkwoorden en bepaal voor elk of het hebben of zijn gebruikt.
- Dagboek in vtt. Schrijf elke avond drie zinnen over de dag: Ik heb... Ze heeft... We zijn...
Verwante concepten
- Vereiste: Het Werkwoord Hebben — nodig als basis voor dit onderwerp
- Volgende stappen: Hebben of Zijn — logische vervolgstap
- Volgende stappen: Onregelmatige Voltooide Deelwoorden — logische vervolgstap
- Volgende stappen: Voltooid Verleden Tijd — logische vervolgstap
- Volgende stappen: Dubbele Infinitief — logische vervolgstap
Vereiste kennis
Het Werkwoord Hebben in het NederlandsA1Concepten die hierop voortbouwen
Meer A2-concepten
Dit concept in andere talen
Vergelijk in alle talen
Oefen Voltooid Tegenwoordige Tijd in Nederlands met een gratis Settemila Lingue-account. We stellen Nederlands · A2 voor je in en genereren kaarten voor precies dit grammaticaconcept.
Dit concept oefenen